DE CRYPTE VAN DE PAUSEN

La cripta dei Papi (III sec.)

La Cripta dei Papi
© Pontificia Commissione di Archeologia Sacra

Het is de heiligste en belangrijkste plaats van alle christelijke Catacomben. Deze crypte is gegraven op het einde van de 2° eeuw, als privé-familie begraafplaats. Later afgestaan aan de kerk van Rome en herbouwd, bestemd voor de overledene pausen van de 3° eeuw.
In het geheel zijn er vier nissen voor sarcofagen en zes andere, samen zestien graven en een groot graf op de achtergrond.
In 1854 ontdekt door de grote archeoloog Jan-Baptist de Rossi; hij noemde het "het kleine Vaticaan, het centrale monument van al de christelijke kerkhoven". Deze plaats ontstond op het einde van de 2e eeuw als privé-crypte. Na schenking van deze ruimte aan de Kerk van Rome, werd de crypte herbouwd en omvormd tot begraafplaats van de pausen.
Deze crypte werden negen pausen begraven en acht bisschoppen uit de 3e eeuw. Hun namen zijn in het Grieks geschreven, volgens het officieel gebruik van de Kerk van die tijd. op vier stenen staat naast de naam van de bisschop de "epi (scopos) = bisschop", omdat hij het hoofd van de Kerk van Rome was; en op twee stenen staat de afkorting MTR = martyr, wat betekent getuige. De christenen die met hun bloed getuigenis hadden afgelegd van het geloof in Christus, werden getuigen genoemd.

De namen van de pausen, die op de stenen geschreven staan, zijn:
De heilige Pontianus (230-235), hij stierf als martelaar in Sardinië waarheen hij werd verbannen en veroordeeld tot dwangarbeid. Om de Kerk van Rome niet in moeilijkheden te brengen ter oorzake van zijn definitieve afwezigheid verzaakte hij aan het pontificaat kort na zijn aankomst op het eiland. Waarschijnlijk hebben het slechte klímaat, het slopende werk in de steengroeven en de slechte behandeling het einde verhaast. Bij zijn dood beschouwde de Kerk hem als een echte martelaar. Enkele jaren later werden zijn stoffelijke resten overgebracht naar Rome en begraven in St.Callixtus.
De heilige Antéros (235-236), van Griekse oorsprong, had een zeer kort pontificaat, slechts 43 dagen, die hij in de kerker doorbracht.
Lapide di Papa Fabiano
© Pontificia Commissione di Archeologia Sacra
De heilige Fabianus (236-250) was Romein en werd tot paus gekozen na de dood van Antéros. Zi jn pontificaat valt samen met een periode van religieuze vrede. Hij was een grote organisator van de Kerk van Rome. Hij verdeelde de stad in zeven kerkelijke regionen in en aan elke regio gaf hij haar "titels" (parochies) , eigen clerus en eigen catacomben. Hij werd onthoofd tijdens de vervolging door de keizer Decius.
De heilige Lucius I (253-254). Hij had een kort pontifìcaat: acht maanden in het geheel, die hij doorbracht in Civitavecchia, waarheen hij verbannen was.
De heilige Eutichianus (275-283), van Luni in Ligurië, was de laatste van de negen pausen die hier begraven werden.
Paus en martelaar Sixtus II (257-258), die door de heìlige Cyprianus genoemd werd "een goed en vredelievend priester", is zeker één van de beroemdste martelaren van deze catacombe. Hij is de martelaar bij uitstek van de catacomben. Hij ging inderdaad voor in een liturgie op dit kerkhof toen hij op 6 augustus 258 overvallen werd door soldaten van keizer Valerianus en op die de zelfde dag werd hij ter plaatse onthoofd samen met vier diakens.

De gedichten van paus Damasus

Op de rechterwand van de crypte van de pausen staan, samengevoegd, twee originale fragmenten van een eerste gedicht van de heilige Damasus, opgedragen aan paus Sixtus II om zijn roemrijk martelaarschap te eren.

Ten tijde dat het zwaard der vervolging
de vrome ingewanden van de Moeder (de Kerk)
doorboorde, onderwees ik (Sixtus II) hier begraven , als herder (Paus)
het woord van God. (de heilige schrift).
Toen vielen onverwachts de soldaten
binnen en rukten mij van de bisschopppelijke zetel af.
De gelovigen trachtten de paus te redden ten koste van hun leven.
De herder zag dat ze hem de palm van het martelaarschap wilden ontnemen.
Daaron offerde hij als eerste zich zelf en zijn
hoofd terwijl hij niet dulde dat de heidenen aan de anderen kwaad zouden doen.
Christus, die de beloning uitreikt,
maakte de verdiensten van de herder openbaar,
terwijl hij het getal van de kudde ongedeerd bewaarde.

- De andere pausen díe hier begraven zijn, zijn Stefanus 1 (254-257), de heilige Dionysius (259-268) de heilige Felix (269-274), van wie de grafplaten niet teruggevonden zijn.

In de vierde eeuw veranderde Paus Damasus, vrome vereerder van de martelaren, deze crypte in een onderaards kerkje.Hij liet er een altaar plaatsen, waarvan nu nog de marmeren basis te zien is. In de zoldering liet hij een lichtkoker bouwen. Op de twee kolonnen uit de vierde eeuw werd een architraaf geplaatst,waaraan bronzen lampen hingen ter ere van de martelaren.
Heel belangrijk, van uit historisch standpunt, is de originele grafsteen, ook al is hij gans hersteld, voor het graf van Paus Sixtus II. Paus Damasus wilde met een gedicht de martelaren van deze crypte en van heel de catacombe vereeren.
Gedenk dat hier van een gans leger heiligen het vereerde stoffelijk overschot rust, terwijl hun gelukzalige zielen in het rijk der hemelen zijn opgenomen.
Hier liggen de gezellen van Sixtus, die de vervolging hebben overwonnen. Een hele reeks Pausen, behoeders van het altaar van Christus, 'n bisschop die een lange vrede mocht beleven, heilige belijders uit Griekenland naar hier gezonden.
Jongelingen, kinderen en ouden van dagen die uit vrije wil hun maagdelijke ongereptheid wilden bewaren.
Hier zou ik, dat beken ik, ook willen begraven worden, indien ik niet vreesde de heilige overblijfselen van de heiligen te onteren.

Hic congesta iacet...
Foto del carme di Papa Damaso
© Pontificia Commissione di Archeologia Sacra

"Met de gezellen van Sixtus" zijn de vier diakens: Gennarus, Magnus, Vincentus en Stefanus, bedoeld, die samen met hem het martelaarschap ondergingen. "De groep van de ouderlingen" die het altaar van Christus bewaken, zijn duidelijk de pausen die op het kerkhof begraven zijn. De uitdrukking "de bisschop die leefde in de lange vrede", betreft een paus die geleefd heeft vóór de grote vervolgingen die ontketend werden door Diocletianus en Galerius rond het einde van de 3e en de begin jaren van de 4e eeuw: het is Paus Fabianus, ofwel Dionysius of Eutichianus. Met "de heilige belijders die van uit Griekenland gezonden", bedoelt men waarschijnlijk een groep martelaren: Hyppolitus, Paulinus, Adria, Eusebius, Maria, Marta en Marcellus, die zouden begraven zijn in dit complex van de catacomben.

Door een nauwe doorgang links in de achterwand komt men van de crypte van de pausen in de crypte van Sint-Cecilia.

Home Page Sint-Callixtus - Inhoud